WerkwoordspellingVervoeg werkwoorden in de tegenwoordige tijd, verleden tijd en als voltooid deelwoord. Alfabetische volgordeZet de woorden op alfabetische volgorde, met je eigen woorden. Woordpakket-oefenbladKijk, bedek, schrijf en controleer: oefen je eigen woordpakket. Meervoud en verkleinwoordSchrijf het meervoud en het verkleinwoord van je eigen woorden. Ontbrekende lettersWelke letters ontbreken? Ei of ij, au of ou, d of t. HusselzinDe woorden staan door elkaar: zet ze in de goede volgorde. Rijmwoorden en tegenstellingen verbindenVerbind woorden die rijmen of juist het tegenovergestelde zijn, met je eigen woordparen. GatentekstEen tekst met gaten: vul de ontbrekende woorden in, met of zonder woordenkader. WoordsoortenBenoem de woordsoorten: zelfstandig naamwoord, werkwoord, bijvoeglijk naamwoord en meer. ZinsontledingOntleed zinnen: persoonsvorm, onderwerp, gezegde en voorwerpen.
Taal
Letters en klanken, lezen, spelling, grammatica en Engels.
10 werkbladen